Aan het woord: Rudi Rasschaert

Interview: Rudi Rasschaert (Bobbejaanland)

Interview_BJL-RudiR2010

Eén van de meest populaire Belgische parken is zonder twijfel Bobbejaanland. Nadat Bobbejaan Schoepen het park verkocht in 2004 aan de Spaanse pretparkengroep Parques Reunidos, werd Rudi Rasschaert Algemeen Directeur van het Kempense park. Rudi had reeds zijn sporen verdiend in Mini-Europa en Océade.
Parkworld.be legde de druk bezette man enkele vragen voor.

Parkworld: U bent al enkele jaren Algemeen Directeur van Bobbejaanland. Hoe evalueert uzelf deze periode?

RR: Positief. Sinds mei 2004 zijn er veel hindernissen genomen, maar vooral is er samen met de hele ploeg gewerkt aan tal van prachtige opportuniteiten om van Bobbejaanland het mooiste park te maken. Bobbejaanland kende een constante groei. Bovendien bleken de nieuwe attracties stuk voor stuk een succes te zijn, met positieve reacties en tevredenheid van de bezoekers als gevolg.

Parkworld: Welke zaken had u misschien anders aangepakt of had u liever anders gezien?

RR: In het begin denk je alles tegelijk te kunnen realiseren. Maar dat blijkt dikwijls onmogelijk. We voeren onze ambities nu in stappen uit en dat lukt prima, meen ik.

Parkworld: Welke zijn de grootste uitdagingen geweest sinds u aan het roer staat?

RR: Iedereen op dezelfde lijn krijgen op het vlak van professionalisme

Parkworld: Hoe rolt men in de job van Algemeen Directeur van Bobbejaanland?

RR: De belangrijkste kwaliteiten zijn zonder twijfel visie, doorzettingsvermogen, met je ploeg goed samenwerken en duidelijk communiceren binnen het bedrijf en naar buiten toe.

Parkworld: Bobbejaanland is een park met een bijzondere geschiedenis. Hoe moeilijk is het om hierin de juiste balans te vinden?

RR: Moeilijk is dat niet. Het is een continuïteit. Je bouwt verder op de zeer rijke geschiedenis van HET familiepark in België. Het is aan onze ploeg om de ‘standaarden’ op service gebied te overtreffen.

Parkworld: In het begin na de overname waren sommige negatieve reacties van Bobbejaanland-fans. Hoe moeilijk is het op zo’n moment om in de frontlinie te staan? Hoe gaat u om met zulke reacties?

RR: Gewoon hard werken en enkel rekening houden met wie/wat relevant is.
Agressiviteit heb ik nooit ervaren. In de beginjaren na de overname wil je gewoon hard werken met je ploeg.

Parkworld: Het park is nu in handen van de Spaanse pretparkengroep Parques Reunidos. In hoeverre kan Bobbejaanland zijn koers zelf bepalen?

RR: Wees gerust, Bobbejaanland bepaalt zijn eigen koers. Anders hadden ze ons niet nodig. Kijk naar alle initiatieven, investeringen die we doen. Dat kan je nooit van op afstand waar maken.

{module 120}

Parkworld: Wat is het grootste voordeel om als park deel uit te maken van een grote pretparkengroep?

RR: Overduidelijk de bench marking: het leren van anderen.

Parkworld: Zou Bobbejaanland veel meer rendement halen indien het park stand-alone zou opereren? Of net niet?

RR: De feiten bewijzen van niet. Met Parques lukt het prima door de schaalvergroting.

Parkworld: In de jaren ‘2000 was er een overkoepelende organisatie van Belgische pretparken, Belgo-Parks, die in de spotlights kwam naar aanleiding van veiligheidsthema’s. In hoeverre is dit nog levend?

RR: Belgoparks is nog steeds een levendige organisatie die samen de grote uitdagingen voor de toekomst bespreekt en dat zal blijven doen.

Parkworld: Hoe valt de samenwerking/concurrentie mee van de andere parken?

RR: We hebben heel regelmatig contact en wisselen informatie uit. Sommige afdelingen komen jaarlijks samen om gemeenschappelijke uitdagingen te bespreken.

Parkworld: Ervaart u nu meer samenwerking met de crisis?

RR: Niet meer dan anders. Voor de pretparken was er geen economische crisis.
De crisis is zelfs voor ons nog geen issue gebleken. Integendeel: ten gevolge van de crisis hebben veel mensen beslist niet naar het buitenland te reizen, maar eerder gekozen voor daguitstappen in eigen land. En dat is uiteraard in ons voordeel.

Parkworld: Bobbejaanland is een vrij compleet park met voor elke doelgroep zeker wat wils. Is die diversiteit geen probleem om net een bepaald publiek echt aan te spreken?

RR: Absoluut niet. Wij zijn er voor de hele familie, het hele gezin, jong en minder jong; er is voor elk wat wils, en dat is net onze kracht.

Parkworld: Wat is uw persoonlijke visie over het huidige attractieaanbod?

RR: Heel divers, met voor elk wat wils, en heel uitgebreid, met korte wachttijden tot gevolg.

Parkworld: Zou het kostefficiënter om te snoeien in het aantal attracties, vooral dan de gelijkaardige draaimolens?

RR: Dat denk ik niet.

Parkworld: De bezoekers worden op gebied van achtbanen redelijk verwend: er zijn toch wel verschillende achtbanen te vinden. Toch is een veel gehoorde kritiek dat geen enkele achtbaan echt een eyecatcher is, een publieks-lokker. Hoe staat u tegenover deze stelling?

RR: ’Veel kritiek’ onder de ‘fans’ dan wel te verstaan.
De Typhoon scoort elk jaar hoog in de lijstjes van favoriete coasters, en de Revolution is na zoveel jaren nog steeds een absolute favoriet bij ons publiek. Met de King Kong en Sledgehammer hebben we bovendien twee absolute publiekslokkers.
Wanneer we een “unieke, grootse” achtbaan zouden neerzetten, dan hebben we zeker en vast een stijging in bezoekersaantallen, toch moeten we oppassen, want zo'n effect is echter tijdelijk. Helaas moet elke investering rendabel zijn. Anders brengen we het bedrijf in gevaar. Zonder rendement zouden we niet investeren.

Parkworld: Is de wegeninfrastructuur naar Bobbejaanland een remming op de ontwikkeling van het park?

RR: Tijdens drukke dagen is het inderdaad wel hard werken voor de parkingboys. Maar we werken momenteel aan een oplossing

Parkworld: Eén gedeelte van Speedy Bob is naar Madrid verhuisd als “Vertigo”. Zijn er plannen om de vrijgekomen ruimte “op te vullen” of om te bouwen (een decor of dergelijke?)

RR: Dit kan zeker overwogen worden. Ik denk dat we eerst nog andere zaken kunnen ontwikkelen.

Parkworld: Destijds is er een succesvolle transformatie gekomen van Air Race naar DreamCatcher. Zullen andere “verouderde” attracties zoals El Paso of Indiana River aan een soortgelijke actie onderworpen worden?

RR: Dat is voorlopig niet aan de orde.

Parkworld: Met Desperado City werd destijds een gewaagde doch geslaagde nieuwe attractie in dienst genomen. Nadeel was misschien wel de lage herhalingswaarde. Hoe evalueert u deze attractie?

RR: Later zullen we upgrades overwegen om het weer hot te maken. Ieder seizoen ontdekken mensen deze attractie voor de eerst keer.

Parkworld: Bobbejaanland staat bekend om zijn gedurfde vernieuwingen, en de aankoop van prototype attracties. Toch brengen die wel eens risico’s met zich mee. Hoe staat u hier tegenover?

RR: Het is correct dat Bobbejaanland originele attracties heeft. We nemen hier de bluts met de buil: veel aandacht voor een nieuw type attractie versus de kinderziektes. Maar die ziektes zijn er gelukkig snel uit.

Parkworld: Is het dan niet veiliger om op safe te spelen? Of moet een park durven uitpakken met primeurs?

RR: Uiteraard moet een park proberen uit te pakken met een primeur – wat we met Bobbejaanland trouwens al een paar keer succesvol gedaan hebben – maar belangrijker is te kijken of een attractie zal ‘werken’ in het park, en aansluit bij de sfeer en het publiek. Op lange termijn is dat veel belangrijker dan de primeur op zich.

Parkworld: Hoe belangrijk is een mascotte voor de herkenbaarheid van een park?

RR: Een mascotte kan op zich niet de hele identiteit van het park dragen. Hij/zij is hoogstens de vaandeldrager.

Parkworld: Is dat concept overroepen, of enkel van toepassing wanneer de media hier sterk mee betrokken is, zoals bij de Plopsa-parken of in Disneyland?

RR: Dergelijk concept is zeker niet overroepen, alleen moet je als park weten waar je naartoe wil. Bobbejaanland heeft niet de intentie een ‘figurenpark’ à la Disney of Plopsa te worden, maar erkent wel de nood aan een zekere herkenbaarheid in de vorm van figuren. Vooral naar kinderen en merchandising toe kan dit zeker een troef zijn. We starten dit seizoen met de Fun Brigade, een concept dat enerzijds symbool staat voor het hele park en zijn 50 attracties, en dat op korte termijn vertaald zal worden in 4 (of meer) concrete figuren die je in het park kunt ontmoeten.

Noot van de redactie: De Fun Brigade zal naast de oude mascotte Bobbie fungeren en worden de ambasadeurs van enkele attracties: Woody bij Wildwaterslide, Banana bij Banana Battle, King Kong bij de gelijknamige attractie en Dreamy bij Dreamcatcher. De Fun Brigade zal de mensen bij de ingang van Bobbejaanland al verwelkomen. Met deze figuren hoopt Bobbejaanland uiteraard ook haar merchendising beleid verder te uit te breiden.

Parkworld: Bobbejaanland is één van de weinige parken, waar veel actie indoor te beleven is. Je kunt haast stellen dat het park “rain-proof” is. Is dit een belangrijke vereiste ook naar nieuwe attracties toe?

RR: Het lijkt me logisch dat er een goed evenwicht moet zijn tussen in- en outdoor attracties, dus houden we daar zeker rekening mee bij het beslissen over een nieuwe attractie. Ook bij regenweer moet je de mensen een reden geven om naar Bobbejaanland te komen. Pretparken zijn sowieso sterk afhankelijk van het weer, en daarover hebben we nu eenmaal geen controle. Dus moet je die factor zoveel mogelijk proberen neutraliseren.

Parkworld: Zijn winteropeningen dan niet mogelijk met zoveel indoor-attracties?

RR: Misschien – dat is overigens een piste die bekeken wordt, maar veel inspanningen vraagt op alle niveau’s en niet altijd zo rendabel is. Wat wel al gebeurt, is dat het park verhuurt wordt. Dit kan zeker net voor of na de sluiting, of tijdens de weinige dagen dat het park toe is tijdens het seizoen. Er zijn alvast geen technische beperkingen hier.

Parkworld: Hoe ziet u Bobbejaanland de komende jaren evolueren?

RR: We blijven investeren in nieuwe attracties, goed opgeleid personeel en beleving, een politiek die we al jaren volgen en die tot op heden succesvol blijkt. Vooral qua events liggen er vele mogelijkheden, alsook mensen uit Nederland warm maken om ons park te herontdekken.

Parkworld: Kan een park als Bobbejaanland in feite nog verder groeien? Of zit het reeds aan zijn limiet?

RR: Ja zeker. Kijk naar de fenomenale groeicijfers van vorig seizoen.
Onbeperkte groei is onmogelijk, maar momenteel is er zeker nog marge.

Parkworld: Mist Bobbejaanland net niet een beetje internationale uitstraling om op die manier meer mensen van over de grenzen aan te trekken?

RR: Welk park in België heeft wel voldoende uitstraling om buitenlanders aan te trekken? Bobbejaanland trekt 100.000den Nederlanders en 10.000den Duitsers. Da’s al niet slecht.

Parkworld: In hoeverre is de rol van marketing hier belangrijk?

RR: Zoals in elk professioneel bedrijf vormt de marketing een essentieel onderdeel van de dagelijkse werking, dus ook voor Bobbejaanland is marketing essentieel, vooral in de markt van de pretparken, waar de concurrentie heel hard is, en elkeen vecht voor zijn plekje in de markt.

Parkworld: Welke rol ziet u uzelf weggelegd in dit evolutieproces?

RR: De marketing is in handen van een schitterend team onder leiding van Peggy Verelst, die haar job meer dan uitstekend doet. Ik heb in haar het volste vertrouwen, en de resultaten van de jongste jaren bewijzen dat ze dat vertrouwen meer dan waard is.

Parkworld: Alvast bedankt voor uw tijd. We wensen Bobbejaanland en uzelf een fantastisch 2010 toe.
 

Interview anno 2010