Aan het woord: Bart Vermeulen

Interview: Bart Vermeulen (Boudewijn Seapark)

Interview-BSP-1

Boudewijn Seapark lijkt een beetje het kleinste broertje van alle Belgische parken. Toch is het park bijzonder gekend en geliefd. De mensen die werken in Boudewijn Seapark zijn allemaal harde werkers, die vooral graag achter de schermen tonnen werk verzetten. Zo ook Bart Vermeulen, commercieel directeur van het park, die liever zijn park gefotografeerd ziet dan zichzelf. We zijn allemaal toch geen miss België he ;-)

Daarom legden we de sympathieke man bijzonder veel vragen voor. Hij ging er geen enkele uit de weg...

Parkworld: Als commercieel directeur van Boudewijn Seapark ervaart u wellicht geregeld diverse uitdagingen. Kunt u er enkele met ons delen?
BV: Wij ervaren elke dag nieuwe uitdagingen, de ene al wat uitdagender dan de andere. De grootste uitdaging zit altijd in de cijfers, de bezoekerscijfers. Hoeveel mensen vinden er vandaag de weg naar Boudewijn Seapark?  Om deze bezoekerscijfers niet alleen op peil te houden maar vooral ook regelmatig opnieuw aan te wakkeren, moeten we permanent creatief en inventief zijn.  We gaan dan ook continu op zoek naar partners en partnerbedrijven waarmee we leuke deals kunnen maken.  Deals die voor alle partijen een meerwaarde zijn : bezoekers voor het park, meerverkoop voor de partner en een beter aanbod voor de bezoeker.
 
Parkworld: Vooraleer u commercieel directeur van het park werd, had u toen al enige “pretparkervaring”?
BV: Pretparkervaring had ik niet, toch niet van binnenuit. Als commercieel verantwoordelijke van een lokale West-Vlaamse krant onderhield ik wel regelmatige en goede contacten met de vele pretparken en toeristische attracties die de kustprovincie rijk is. Ik kende dus wel de noden en wensen in het promotionele vlak vrij goed.

Parkworld: Zijn er bepaalde parken die u als voorbeeld ziet?
BV: Een specifiek voorbeeld, een ideaal model, heb ik niet. Elk park heeft wel opvallende kantjes, specifieke elementen die het park het originele karakter geven. Bij elk parkbezoek steek ik wat op. Je leert áltijd wat bij. De kunst is om die ervaringen in te passen in het eigen park, zonder te kopiëren.

Parkworld: In hoeverre bent u tevreden over Boudewijn Seapark? Wat zou u graag veranderen of veranderd zien?
BV: Het park heeft de jongste jaren een ware metamorfose ondergaan. De attracties zijn verder gethematiseerd, de nieuwe elementen keurig ingepast in het geheel. We denken maar aan de roofvogelsite, het zeeleeuwentheater, Bobo’s Indoor, de SeaDreams,…  Het park heeft een bijzonder gevarieerd aanbod, en is een veilige en leuke oase voor families met jonge kinderen.

Parkworld: Hoe moeilijk is het voor een park om in een tweetalig land te wonen, in een stad die overspoeld wordt door diverse toeristen, die verschillende talen spreken.
BV: De tweetaligheid heeft eigenlijk maar één klein nadeel. Je hebt dubbel zoveel ruimte nodig om hetzelfde te zeggen. Dat heeft een impact op de communicatie, maar voor het overige levert dat helemaal geen moeilijkheden op.
Met de toeristische massa die de stad Brugge overspoelt, is er geen directe band. Bovendien is er maar een minuscule fractie van deze doelgroep geïnteresseerd in Boudewijn Seapark. Brugge is een cultuur-historische attractie met gastronomische meerwaarde, ideaal voor een kortverblijf. Boudewijn Seapark daarentegen is een fun-attractie waar jonge kinderen (2 à 10 jaar) zich de koning te rijk voelen. Twee verschillende werelden dus.

Parkworld: In welke mate weten toeristen dat er nabij Brugge een dolfinarium is? Maken jullie hiervoor sterke locale reclame bij hotels? Of is dit eerder beperkt?
BV: Dit is eerder beperkt inderdaad. We zijn uiteraard in alle Brugse hotels aanwezig en via Toerisme Brugge bereiken we ook de gasten van deze stad, maar we focussen ons eigenlijk veel meer op de lokale bevolking van de stad en op de verblijfstoeristen aan de kust en bij de plattelandslogies, omdat daar vaak jonge gezinnen hun vakantie doorbrengen.  Dat zijn nou net de mensen die wel graag naar Boudewijn Seapark komen.

Parkworld: 2009 was het jaar dat vele bedrijven zwaar gebukt stonden onder de financiële crisis. Hoe viel dit mee voor Boudewijn Seapark?
BV: Het klinkt misschien cru, maar de economische crisis was, samen met de ideale weersomstandigheden, een zegen voor het park. Daguitstappen in het binnenland vervangen in moeilijker tijden de buitenlandse trips en reizen. Bovendien willen ouders hun kinderen wel blijven verwennen.

Parkworld: Wat vele mensen mogelijk niet weten is dat het park deel uitmaakt van een Spaanse pretparkengroep Aspro. In hoeverre is Boudewijn Seapark afhankelijk van hen?
BV: Boudewijn Seapark kan op diverse vlakken genieten van de schaalvergroting, door centrale aankoop bvb of door informatie-uitwisseling. We blijven echter zelf en zelfstandig plannen uittekenen voor de toekomst. Logisch dat men in Madrid wel eerst de budgetten goedkeurt…

Parkworld: In hoeverre is het park beperkt in eventuele uitbreidingen? Zou verhuizen bvb. een optie kunnen zien om het park beter uit te breiden?
BV: Verhuizen is niet aan de orde. Bepaalde (beleids)mensen hebben wel eens luid gedroomd van een recreatiezone aan de rand van de stad met voetbaltempel, pretpark, bioscoopcomplex, shoppingcenter,…  De implicaties die zo’n verhuis met zich brengt, zijn echter niet te schatten, noch logistiek noch financieel.

Parkworld: De grootste attractie van het park is zonder twijfel de dolfijnenshow. Mocht een dierenrechtenorganisatie er ooit in slagen dit te verbieden, hoe dramatisch zou dit zijn voor het park?
BV: Om eerlijk te zijn, ik zie dit niet gebeuren. Het lijkt mij trouwnes een aanfluiting van de democratie als de mening, vaak door verkeerde argumenten gestaafd, van een verwaarloosbaar aantal mensen het zou halen tegen de visie van 99% van de bevolking.

Parkworld: Gelukkig hebben jullie ook andere troeven. Zoals de zeehondenhabitat en de zeeleeuwenshow. Maar is dit voor een “Seapark” misschien net niet iets te weinig? Of zijn er plannen om bvb. aquaria toe te voegen of andere nieuwe “zeebewoners” te begroeten?
BV: Dergelijke ideeën zijn er inderdaad wel. Kwaliteit moet echter primeren boven kwantiteit en momenteel investeren we permanent in de verbetering van het bestaande aanbod. Sinds de komst van de Spaanse groep Aspro hebben we op dat vlak al een hele weg afgelegd. Er was ook een inhaalbeweging nodig. De bestaande infrastructuur wordt stuk voor stuk vernieuwd, gemoderniseerd en aangepast aan de noden van deze tijd. Uitbreiding komt pas in een volgend stadium aan bod.

Parkworld: Betreffende de zeeleeuwenshow, deze show wordt enorm gesmaakt door het publiek. Gaat deze show ook door bij minder weer? Zijn er plannen, ideeën,… om dit gedeelte te overdekken?
BV: Deze show gaat ook bij minder weer door, inderdaad. Een regenachtige dag heeft ook z’n charmes! En, hoeveel keer per jaar regent het een hele dag aan één stuk door?  Een overdekte tribune, of een overbouw, zou naar ons aanvoelen geen meerwaarde zijn, in tegendeel.  Je verliest het contact met de omgeving, met de achterliggende vijver, met de sfeer van het park.  Een dak zou slechts sporadisch zijn nut bewijzen, de open hemel bewijst echter haast dagelijks zijn positieve invloed.

Parkworld: Boudewijn Seapark heeft als voorname troef diversiteit: het park heeft een kinderboerderij, een roofvogelshow, dolfijnenshow en andere zeezoogdieren, en bovendien is het ook een attractiepark. Dit betekent ook dat er wellicht verschillende mensen een zeg hebben in het park. Hoe moeilijk is het om als directeur tegemoet te komen aan alle wensen?
BV: Dat is helemaal niet zo moeilijk. De diversiteit brengt en houdt de mensen samen. We beseffen met z’n allen heel erg goed dat deze variatie een enorme troef is en dat we deze troef moeten koesteren voor onze vele duizenden bezoekers.

Parkworld: Werkt het park met andere dolfinaria samen op gebied van kennisuitwisseling, dierenuitwisseling of zelfs specifieke kweekprogramma’s? Zijn er plannen om andere dolfijnensoorten aan te trekken als extra “attractie”?
BV: Er zijn intensieve contacten met andere dolfinaria, zowel de drie andere dolfinaria van de Aspro groep als met andere dolfinaria, vooral in Europa dan. We koesteren absoluut geen plannen om orka’s te houden, als je dat zou insinueren. Orka’s zijn wel verwant aan dolfijnen, maar dat zijn poezen en tijgers ook, als je begrijpt wat ik bedoel. Wij blijven uiteraard wel de grootste zorg besteden aan onze dolfijnen, zeeleeuwen en zeehondjes, en in dat kader past ook een gericht kweekprogramma bvb. uitwisseling van dieren is zelfs een must om te verhinderen dat er inteelt zou ontstaan en dus zijn vreemde bloedlijnen belangrijk voor de reproductie.

Parkworld: Ik doelde niet meteen op orca's, ik dacht aan beluga-dolfijnen, commerson-dolfijnen of de witgestreepte dolfijn die vaak in Aziatische dolfinaria gebruikt worden.
BV: Daar hebben we in feite nog niet meteen over nagedacht of een studie rond gemaakt.

Parkworld: Ondanks het feit dat de dolfijnen immens populair zijn, is de mascotte van het park een zeeleeuw, Bobo. Waarom die keuze?
BV: De keuze voor een zeeleeuw lag eigenlijk een beetje voor de hand.  Een dolfijn in mascottevorm is immers bijzonder moeilijk te realiseren. Je kunt een dolfijn eigenlijk geen ‘menselijk’ gezicht geven, en een dolfijnmascotte is helemaal geen zicht (letterlijk en figuurlijk).  Er bestaan uiteraard wel pakken die een dolfijn gestalte geven, maar nog nooit heb ik een leuke, aantrekkelijke en kindvriendelijke versie gezien. Bobo daarentegen is heel erg geliefd bij de kids in het park.

Parkworld: Hoe gekend is Bobo ondertussen in het park?
BV: In het park is Bobo een échte vedette. Kinderen houden van deze guitige zeeleeuw. Veel (groot)ouders vertellen me naderhand dat hun (klein)kind nog dagenlang over bobo vertelde, of dat de kids de Bobosong elke dag vrolijk meezingen op de website.

Parkworld: Dit jaar wordt uitgepakt met een Bobo Club. Wat houdt dit in?
BV: Net omdat Bobo de voorbije jaren is uitgegroeid tot een vedette, willen we graag deze Boboclub opstarten.  De clubformule biedt kinderen niet alleen toegang tot het park, ze krijgen ook leuke cadeautjes van Bobo, waaronder een exclusieve dolfijnenposter bvb.  Daarnaast krijgt elk lid van de Boboclub op tientallen diverse plaatsen (restaurants en winkels) leuke kortingen, gaande van 15% reductie op aankoop over gratis kindermenu’s.
Daarnaast wordt een website ontwikkeld www.boboclub.be waar de leden allerlei leuke spelletjes vinden, weetjes kunnen lezen, maar waar ze ook regelmatig een dolfijne aanbieding zullen terugvinden.

Parkworld: Enkele jaren geleden hebben ook pelikanen hun intrek genomen in het park. Hoe verliep de integratie voor hen? Zijn er plannen voor nog andere vogels die bij het water vertoeven, zoals pinguïns bvb…?
BV: De pelikanen hadden het best wel naar hun zin in Boudewijn Seapark. Omwille hen te behoeden voor de strenge winter zijn ze verhuisd naar een locatie waar ze beter beschermd zijn tegen sneeuw, ijs en koude. Deze mensen zijn ondertussen zo verknocht geraakt aan deze dieren en de pelikanen zelf voelen zich zo in hun sas daar, dat we een akkoord hebben om ze daar blijvend te huisvesten, weg van de drukte van het park. Onze bezoekers moeten het dus voortaan zonder pelikanen stellen. Wat ander watervogels betreft, zijn er momenteel geen plannen, dus pinguïns komen er niet in de nabije toekomst.

Parkworld: Werken jullie ook samen met natuurhulporganisaties? Of dierenrechtenorganisaties?
BV: Met dierenrechtenorganisaties werken wij niet rechtstreeks samen. Indirect is er wel een overleg binnen de dolfijnencommissie die de minister van Welzijn enkel jaren geleden heeft opgericht. In deze werkgroep zetelen o.a. wetenschappers, beleidsverantwoordelijken, dolfijnentrainers, en ook afgevaardigden van dierenrechtenorganisaties. Tijdens deze vergaderingen wordt er uiteraard overleg gepleegd en worden alle voorstellen besproken die het welzijn van de dolfijnen kunnen vrijwaren en optimaliseren.
We kunnen in deze context wel vertellen dat Boudewijn Seapark wel intensief samenwerkt met diverse organisaties, waaronder Europese instanties, en het Nederlands Zeevisserij Instituut, in het kader van divers wetenschappelijke studies en researchprogramma’s. Hoofddoel van deze programma’s is altijd het welzijn van de dolfijnen in de natuur te verbeteren.

Interview-BSP-2

Parkworld: Pretparkfanaten doen soms wat laagdunkend over het park. Ze kennen het park alleen tijdens de Brugse foor, om daarna het park op diverse fora met de grond gelijk te maken. Stoort u zoiets? Of is dit toch niet de doelgroep, en ligt u er niet echt wakker van?
BV: Dergelijke reacties op divers fora storen mij wel uiteraard. Ik vind het niet leuk, maar nog minder terecht, als men het park met de grond gelijkmaakt. Het is vooral jammer dat deze mensen, die de pretparksector bijzonder goed kennen, de zaken niet in hun juiste perspectief kunnen of willen plaatsen. Je zou het kunnen vergelijken met een rallypiloot die in een klein stadswagentje stapt, en zich dan kritisch uitlaat over de beperkte snelheid, de mindere wegligging enz. Je moet appels met appels vergelijken.
Boudewijn Seapark is een themapark op maat van jonge kinderen en daar zijn de attracties ook helemaal voor gebouwd. Het park is dus bij uitstek geliefd door jonge kinderen en hun (groot)ouders. Onze belangrijkste doelgroep zijn kinderen van 2 tot 10 jaar en deze kids vinden het park wel bijzonder ‘cool’.  Het is voor ons dan ook belangrijk om hiermee rekening te houden en onze investeringen ook op deze doelgroep te richten.

Parkworld: Zou een nieuwe achtbaan of zelfs een waterbaan het park niet een grote push voorwaarts geven?
BV: Voor de bovenvermelde pretparkfanaten wellicht wel, maar voor de jonge kinderen die we bij de vleet verwelkomen, zijn dergelijke investeringen zeker geen must. Jonge kinderen zitten hier niet op te wachten. Jonge gabbers wil zich vooral uitleven op doe-attracties. Ravotten is voor hen veel plezanter, dan een attractie te ‘ondergaan’. Bovendien zijn veel jonge kinderen niet tuk op spectaculaire attracties en zijn ze eerder bang van snelheid en spektakel. Investeren om een nieuwe doelgroep te plezieren en ondertussen de bestaande doelgroep te verliezen zou een bijzonder spijtige zaak zijn.

Parkworld: Zou het park ooit de huur of een lease van een attractie overwegen?
BV: Zoals zopas aangegeven, willen we ons 100% concentreren op kindvriendelijke attracties en een kindgericht aanbod.  Als daarvoor nieuwe investeringen nodig zijn, komen de diverse opties aan bod.  Of het dan om leasing, huur of aankoop gaat, hangt vooral af van de financiële voordelen ervan.

Parkworld: Bestaan er dan eventueel mogelijkheden om met zusterparken attracties “uit te wisselen”?
BV: Dit is de voorbije jaren nog niet gebeurd, maar niets sluit dit uit. Er zijn momenteel geen plannen in die richting, maar wat niet is, kan uiteraard wel komen.

Parkworld: Uiteraard is het park geen Sea World, maar is dit een beetje de ultieme uitdaging, of is dit veel te hoog gegrepen?
BV: SeaWorld is het lichtend voorbeeld, maar is zeker niet onze ambitie. Je moet ook hier met de schaal rekening houden. Ons Belgenlandje is in geen enkel opzicht te vergelijken met de States, waar het schaalvoordeel dergelijke initiatieven mogelijk maakt. Kijk maar eens hoe moeilijk Disneyland Parijs het heeft om uit de rode cijfers te geraken. Schoenmaker blijf bij je leest, én met beide voetjes op de grond, is ook hier het motto.

Parkworld: Over Sea World gesproken, enkele weken geleden was er het tragische ongeval met een orca. Bestaan er soortgelijke risico’s wanneer men met dolfijnen of zeeleeuwen werkt?
BV: Risico’s zijn er altijd, ongevallen zijn nooit uit te sluiten, maar werken met zeeleeuwen, zeehondjes en dolfijnen is helemaal niet te vergelijken met het werken met orca’s. Bij dat ongeval in SeaWorld woog de besuste orca maar liefst 5.500 kilo. Onze dolfijnen wegen tussen 180 en 250 kilo. Alle proporties zijn uiteraard ook navenant. Mensen kunnen zich wellicht beter de verhouding voorstellen aan de hand van een vergelijking: als dolfijnen katten zouden zijn, dan zijn orca’s tijgers. Het hoeft geen betoog dat werken met tijgers van een andere orde is dan werken met katten…
Ik maak toch graag van de gelegenheid gebruik om te vermelden dat zeeleeuwen, zeehondjes, dolfijnen ook dieren zijn. Je kan hun reacties niet altijd even perfect voorspellen.  Onze verzorgers werken dagdagelijks met hen en kennen hun ‘pappenheimers’ als geen ander en weten dus ook perfect waar de scherpe kantjes zitten in de karakters van elk van de dieren. Ze weten dus ook perfect op welke manie ze met welk dier moeten omgaan. We hebben hier ook nog nooit ernstige ongevallen gehad.  Kleine akkefietjes vallen wel eens voor, maar dat kan ook moeilijk anders. Welke ruiter heeft nooit eens een blauwe plek of een schram opgelopen door contact met zijn paard?

Parkworld: Als attractiepark hebt u wellicht ook geregeld controles om de veiligheid van het park te garanderen. Hoe moeten de mensen dit proces zien? Worden alle attracties elk jaar gekeurd zoals een auto, of is dit afhankelijk van type attractie?
BV: Alle attracties worden inderdaad jaarlijks gekeurd. Meestal zelfs tweemaal per jaar.  Een erkend keuringsbureau komt net voor de start van het seizoen langs om alle attracties aan een grondig onderzoek te onderwerpen. Tot in de kleinste details wordt nagegaan of electronica en mechaniek ‘topfit’ zijn. Attracties kunnen alleen maar opengaan als ze ook daadwerkelijk een positieve keruing krijgen. In de loop van het parkseizoen komt er dan ook vaak een tweede keuring. In tegenstelling tot de eerste keuring, gebeurt deze onaangekondigd. Technische keurders van het keuringsbureau komen onverwacht op bezoek en controleren bepaalde attracties; lukraak gekozen en zonder voorafgaande check door onze technici. Dat betekent dat wij steeds heel alert moeten blijven en dat onze eigene technische ploeg met bijzonder veel aandacht de techniek in de gaten houdt.
Tot slot kan ik je nog meegeven dat wij ook zelf spontaan een keuring laten uitvoeren na een grondige onderhoudsbeurt of na een grotere herstelling. Op die manier willen we elk mogelijk risico op ongevallen uitsluiten enerzijds en ervoor zorgen dat we ook wettelijk gedekt zijn anderzijds.

Parkworld: Zijn er attracties die u liever vervangen zou zien, maar die omwille van budgettaire beperkingen nog eventjes moeten meedraaien zolang het veilig blijft?
BV: Eigenlijk zie ik nooit graag attracties vervangen worden. Elke attractie heeft zijn leuke kanten. Voor elke attractie die er verdwijnt, zijn er kids die een beetje verweest achterblijven. Ook al lijkt een attractie gedemodeerd, ze heeft altijd wel zijn charmes. Ik zie dus persoonlijk geen enkele attractie graag verdwijnen. Het hoeft uiteraard geen betoog dat de veiligheid primeert en dat alleen veilige attracties kunnen blijven.
Het is niet omdat ik geen enkele attractie graag zie verdwijnen, dat ik niet graag zou zien dat er nog meer leuke attracties zouden bijkomen, integendeel. Ik vind het wel van belang dat de attracties op maat zijn van onze doelgroep, jonge kinderen van 2 tot 12 jaar.  Voor de oudsten kunnen we inderdaad wel nog wat extra’s gebruiken. Kinderen tot 10 jaar amuseren zich enorm in Boudewijn Seapark, maar eens ze 11, 12 jaar geworden zijn, vinden ze de meeste attracties niet cool genoeg, en ik kan daar perfect inkomen. Een leuke waterbaan die wat snelheid en spetters combineert, lijkt me wel wat.

Interview-BSP-3

Parkworld: Bobo's Indoor is ondertussen een groot succes. Overweegt het park verdere investeringen hier om zo het park een gans jaar open te houden?
BV: Ondertussen is Bobo’s Indoor uitgegroeid tot een leuke binnenspeeltuin. De afgelopen winter was eigenlijk een soort testperiode, waarbij we goed hebben geluisterd naar de evaluaties van de bezoekers en waarop we ook snel en gericht hebben gereageerd. Zo is de aankleding begin dit jaar nog verder uitgebouwd met het oog op het comfort van de (groot)ouders. Er is ook een keitof funhouse bijgebouwd, waarin kids kunnen klauteren, klimmen, rollen en tollen. Straks komt er nog een klimtoren bij.
Bobo’s Indoor is een ideale winterbestemming, in combinatie met het dolfinarium zelfs een unieke bestemming.

Parkworld: Enkele jaren geleden heeft het park de naam veranderd van Boudewijnpark naar Dolfinarium Brugge en naar Boudewijn Seapark. Hoe hebben de bezoekers die naamsveranderingen verteerd? De naam van het park verwijst naar onze vorige vorst, maar in het park is er haast geen enkele verwijzing naar onze voormalige koning. Of vergis ik me?
BV: Je vergist je helemaal niet. Referenties naar koning Boudewijn zijn er inderdaad niet. Je zou je kunnen afvragen waarom je dat de naam ‘Boudewijn’ nog moet aanhouden in de parknaam. Wel, het antwoord is heel eenvoudig: de naamsbekendheid van Boudewijnpark was en is zo fenomenaal groot, dat het heel veel centen zou kosten om een compleet nieuwe naam te introduceren, centen die we beter in het parkaanbod zelf kunnen investeren, vinden we.
De bezoekers hebben die naamsverandering eigenlijk bijzonder goed verteerd.  Er is immers geen bruuske verandering in de naam geweest. We hebben alleen de ‘sea’ toegevoegd, wat de thematisering van ons park sterker moet ondersteunen.

Parkworld: Tot slot, welke boodschap wil u de bezoekers in 2010 meegeven? Waar moeten ze zeker en vast van genieten? Waarom moeten ze zeker eens langskomen?
BV: De belangrijkste boodschap voor onze bezoekers, is dat Boudewijn Seapark het dol-fijnste pretpark is voor binnen- én buitenpret, waar kinderen én hun (groot)ouders genieten van eindeloos speelplezier en spetterende shows!

Parkworld: Bedankt voor uw tijd, en veel succes met Boudewijn Seapark.

Interview anno 2010